“Tante Linda, waar gaat het boek over dat jij schrijft?” Met zijn grote bruine ogen kijkt hij mij aan.
“Euhm..." Hoe leg ik dat uit aan een negenjarige?
"Over vrouwen die een droom hebben en hun best doen om die droom waar te maken.”
“Komt het boek in de winkel en kan ik het dan kopen?”
Ik lach. “Ja, dat is wel de bedoeling."
“Vet!" In groep 3 vond hij lezen verschrikkelijk, maar inmiddels heeft hij de smaak te pakken.
“Weet je, eigenlijk gaat het boek over meer dan alleen dromen najagen,” zeg ik.
“Waarover dan?”

"Soms denk je dat de stem van de ander de waarheid is en dat je eigen stem niet klopt"

"Het gaat erover dat bij jou, bij mij en bij iedereen een beste vriend binnenin woont. Die vriend is heel wijs en wil graag dat jij gelukkig wordt. En dat jij de wereld een beetje mooier maakt. Gewoon door te zijn wie je bent. Dus hij fluistert soms dingen naar je. Bijvoorbeeld wanneer je een keuze moet maken. Of wanneer je iets doet wat niet bij je past. Maar ook als je iets doet wat je heel leuk vindt, laat hij het merken. Soms voel je het dan bruisen van binnen. Alsof er een fontein in je lijf zit.”
Hij knikt instemmend.
“Maar je hoort ook de stem van mama, de meester, de voetbaltrainer, van je vriendjes en vriendinnetjes of iemand op YouTube. En zij zeggen soms hele andere dingen dan het stemmetje van jouw beste vriend binnenin jou. Dat is lastig, want naar welk stemmetje moet je dan luisteren?”
“Dat had ik toen de juffrouw zei dat ze niet boos was, maar ik wist zeker van wel!” roept mijn nichtje verontwaardigd vanuit de andere kant van de kamer. Ze strijkt haar blonde krullen achter haar oor.
“Precies! En soms denk je dat de stem van een ander de waarheid is en dat je eigen stem niet klopt dus dan luister je er niet meer naar. En na een tijdje hoor je het niet meer. Als jullie ooit het stemmetje kwijt zijn, dan hoop ik dat je het gaat zoeken. En dat je er naar luistert als je het gevonden hebt. Net als de vrouwen in mijn boek. Ook al is het soms spannend.”
“Waarom is het spannend?” Ze huppelt naar mij toe. In haar hand heeft ze haar knuffelkonijn.
“Omdat het stemmetje je aanmoedigt nieuwe dingen te doen die je nog niet kan of durft. Alsof je op reis gaat en niet weet waar naartoe.”
"Echt?" vraagt mijn neefje. Ik knik.
Even is het stil.
“Nou, ik weet het wel hoor" zegt mijn nichtje. "Een reis gaat altijd naar een supermooie plek op aarde, toch Tanti?” Ze kruipt bij mij op schoot.
“Ja, schat.” Zachtjes streel ik over haar rug.
“En soms is die plek dichterbij dan je denkt.”